En daar zit ik dan. Leeg, verloren, verzonken in gedachten en alleen.
Ik heb mijn plekje op de heide weer opgezocht. Met mijn rug tegen een boomstam staar ik in de leegte. Probeer ik mijn gedachten te ordenen en rust te vinden.
In mijn hoofd spelen de beelden van de afgelopen 2 jaar. Het slechte nieuws, de blogjes, de hoop, de klappen en nu……
Hoe orden je zulke gedachten? Een totale onbegrijpelijke chaos uitzoeken. De vragen die ontstaan maar geen antwoorden kennen. Meestal neemt een briesje wind deze vragen met zich mee en berust ik in het feit dat niet alles een antwoord kent.
Maar vandaag kan het waaien, stormen of kan er een orkaan woeden. De vragen blijven komen en de antwoorden blijven uit.
Kijkende over de vlakte mis ik haar aanwezigheid. Een gehavende boom die zoveel kracht uitstraalde. Die stormen doorstond en bleef vechten tegen de elementen. Ondanks alles bleef ze van een ongekende schoonheid en bood ze me rust. Haar schoonheid en kracht zijn nooit onopgemerkt gebleven. Konijnen vonden hun holletjes tussen haar stevige wortels, vogels bouwde er hun nestjes en herten vonden beschutting bij haar. Ondanks dat ze alleen stond in haar gevecht was ze nooit eenzaam. Ze werd omringd door vrienden.
En nu is de vlakte leeg. De boom die mij zo vaak rust bracht en me inspireerde om mijn gedachten te verwoorden is niet meer. Een lege plek op de heide wordt nu slechts beschenen door een gouden zonnestraal. De kleuren die ontstaan zijn van een ongekende schoonheid. Even lijkt het of de lege plek langzaam tot leven komt. Is het slechts de hoop? Of spelen mijn gedachten met mij en is het alleen het feit dat ik niet kan accepteren dat ze er niet meer is?
Droom of werkelijkheid, het maakt niet uit. Het helpt me nu nog niet.
Wanneer ik om me heen kijk naar de bosrand begint er het mooiste wat ik ooit heb gezien. Langzaam komt het bos tot leven. Stappen de herten weg uit de beschutting van het bos. Van alle kanten lopen ze het open veld op. Ook de andere bosbewoners wagen zich op de heide en verlaten de veiligheid die het bos ze biedt. Langzaam en stil vormen ze een cirkel om de plek waar ze ooit haar kracht en schoonheid uitstraalde.
Ook ik voeg me in de cirkel. En zonder woorden weten we allemaal waarom we hier zijn en wat we doen. We sluiten een hoofdstuk af. Slaan de bladzijde om en moeten verder. Wat we voor ons hebben is een lege pagina. Met een pen in de hand moeten we gaan schrijven. Het volgende hoofdstuk moet ontstaan maar de woorden zijn er nog niet.
Uiteindelijk hoop ik dat het vervolg een sprookje zal zijn. Dat de laatste woorden van dit boek zullen zijn: En ze leefde nog lang en gelukkig…..
Maar voor dat einde geschreven wordt zullen er nog vele woorden geschreven worden. Nog talloze hoofdstukken begonnen en weer afgesloten. Het is nu nog ondenkbaar dat die laatste regel ooit geschreven zal worden. Maar ik koester dat ene stukje hoop dat die regel er ooit eens komt.
Bedenkelijk zet ik mijn pen op het lege vel in het boek. Dan aarzel ik even voor ik begin. Mijn hand begint te bewegen en zonder verder na te denken ontstaat er een eerste zin. De zin waar bijna elk sprookje mee begint. En dan dringt nogmaals het pijnlijke besef tot me door en stromen de tranen rijkelijk over mijn wangen.
Door mijn tranen heen kijk ik naar het vel papier en lees ik de zin nog eens terug…….
ER WAS EENS……..
09-08-2011
22-06-2011
Alleen, maar mooi...... (deel 3)
Vandaag is de langste dag van het jaar. Althans, dat zegt men als de zon heel vroeg opkomt en pas heel laat weer ondergaat. Uiteindelijk duurt ook deze dag gewoon 24 uur. En wat is nou een dag op een mensenleven?
Ik denk dat deze vraag niet beantwoord kan worden. Er zijn nou eenmaal dagen die je het liefste snel vergeet. Waar 24 uur te lang is. En dan heb je dus ook de dagen die je het liefste vast wilt houden. Waar je uit alle macht probeert om de tijd stil te zetten om eindeloos te kunnen genieten van wat die dag je brengt.
Dan dwalen mijn gedachten af naar mijn plekje op de heide. In mijn verbeelding staar ik naar haar. Aangetast door de tijd staat ze in al haar kracht te stralen. Het mooie voorjaar heeft ervoor gezorgd dat ze nog groter, voller en krachtiger is dan ooit te voren. Leunende tegen een boomstronk zit ik me te verbazen over de kracht die ze uitstraalt.
Maar wie beter kijkt die ziet de pijn. Een flinke herfststorm heeft haar al aangetast en één van haar takken doen breken. Maar door haar totale plaatje vergeet je soms dat die tak er niet meer zit. Verborgen tussen de blaadjes en de andere takken is de wond te zien. Maar je kijkt er liever niet naar. Het is beter genieten van wat een schoonheid er nog staat dan te kijken naar wat er verloren ging.
Bleef het maar bij een zware storm. Bij een afgebroken tak. Konden we de tijd maar stilzetten. Genieten van de schoonheid en negeren wat er verder is. Als negeren de remedie was tegen alles wat er verder is, dan begon ik nu direct. Helaas.
Op een afstand lijkt alles zo mooi, de takken, de bladeren en de dieren eromheen. Maar heel dichtbij zie je dat het mis is. Onder de bast kraakt ze. Rot ze langzaam weg. Het is niet de grond waarop ze staat, die is stevig en goed gevoed. Waar het dan door komt weet niemand. Het zit er en is niet te stoppen.
Wetende dat er ooit een einde komt aan haar bestaan kan ik voor mijn gevoel niet meer stoppen met kijken. Wil ik de tijd stopzetten en eindeloos genieten. De zomer kan me niet lang genoeg duren dit jaar. Al vind ik de herfst met al zijn kleuren een mooi jaargetijde, van mij mag hij dit jaar wegblijven. Slaan we de winter gewoon een keer over. Een jarenlange eindeloze lente waarin ze blijvend blijft stralen. Mijn droombeeld is slecht een utopie. En langzaam maar zeker zal de herfst zijn intrede doen. Het pijnlijke besef van een niet te stoppen tijd.
Dus wat is nou een dag op een mensenleven? Elke dag is kostbaar. Elke dag is een juweel. Zelfs de slechtste dagen zijn gelukkig ook 24 uur. Want ook die dag is je gegeven! Dus hoe moeilijk het soms ook is, geniet van elke dag want het is er weer één uit het “leven”
Ik denk dat deze vraag niet beantwoord kan worden. Er zijn nou eenmaal dagen die je het liefste snel vergeet. Waar 24 uur te lang is. En dan heb je dus ook de dagen die je het liefste vast wilt houden. Waar je uit alle macht probeert om de tijd stil te zetten om eindeloos te kunnen genieten van wat die dag je brengt.
Dan dwalen mijn gedachten af naar mijn plekje op de heide. In mijn verbeelding staar ik naar haar. Aangetast door de tijd staat ze in al haar kracht te stralen. Het mooie voorjaar heeft ervoor gezorgd dat ze nog groter, voller en krachtiger is dan ooit te voren. Leunende tegen een boomstronk zit ik me te verbazen over de kracht die ze uitstraalt.
Maar wie beter kijkt die ziet de pijn. Een flinke herfststorm heeft haar al aangetast en één van haar takken doen breken. Maar door haar totale plaatje vergeet je soms dat die tak er niet meer zit. Verborgen tussen de blaadjes en de andere takken is de wond te zien. Maar je kijkt er liever niet naar. Het is beter genieten van wat een schoonheid er nog staat dan te kijken naar wat er verloren ging.
Bleef het maar bij een zware storm. Bij een afgebroken tak. Konden we de tijd maar stilzetten. Genieten van de schoonheid en negeren wat er verder is. Als negeren de remedie was tegen alles wat er verder is, dan begon ik nu direct. Helaas.
Op een afstand lijkt alles zo mooi, de takken, de bladeren en de dieren eromheen. Maar heel dichtbij zie je dat het mis is. Onder de bast kraakt ze. Rot ze langzaam weg. Het is niet de grond waarop ze staat, die is stevig en goed gevoed. Waar het dan door komt weet niemand. Het zit er en is niet te stoppen.
Wetende dat er ooit een einde komt aan haar bestaan kan ik voor mijn gevoel niet meer stoppen met kijken. Wil ik de tijd stopzetten en eindeloos genieten. De zomer kan me niet lang genoeg duren dit jaar. Al vind ik de herfst met al zijn kleuren een mooi jaargetijde, van mij mag hij dit jaar wegblijven. Slaan we de winter gewoon een keer over. Een jarenlange eindeloze lente waarin ze blijvend blijft stralen. Mijn droombeeld is slecht een utopie. En langzaam maar zeker zal de herfst zijn intrede doen. Het pijnlijke besef van een niet te stoppen tijd.
Dus wat is nou een dag op een mensenleven? Elke dag is kostbaar. Elke dag is een juweel. Zelfs de slechtste dagen zijn gelukkig ook 24 uur. Want ook die dag is je gegeven! Dus hoe moeilijk het soms ook is, geniet van elke dag want het is er weer één uit het “leven”
12-04-2011
De regenboogvlinder
Daar zit ik weer eens. In die oude versleten stoel. Een stoel die soms een klein wonder verricht. Die me rust geeft en waar verhalen ontstaan.
Al een week weet ik mijn draai niet te vinden. Ben ik niet mezelf. En vandaag kwam de genadeslag. Het zwaard wat al een tijdje boven ze hing is gevallen. Het oordeel is geveild. En wie verliest van het zwaard voelt zich verslagen. Zo was het in de middeleeuwen al, en zo is het nu ook.
Normaal gesproken weet ik mijn gevoelens wel uit te drukken. Niet direct maar op mijn eigen manier. De natuur is mijn steun. Elk blaadje, elke sneeuwvlok en elke zonnestraal geven mij de kracht en de mogelijkheid om elke tegenslag te relativeren.
Maar deze week was anders. Alles in de natuur sprak mijn gevoelens tegen. Waar in de natuur alles weer begint te leven viel in de realiteit langzaam alles uit elkaar. Al deed ze nog zo haar best, ik kon de schoonheid domweg niet zien.
De dagen werden langer en mijn gevoel steeds donkerder. En vandaag schoof het laatste stukje grond onder mijn voeten vandaan. Totale leegte werd mijn deel.
Een grote witte enveloppe bleek uiteindelijk het antwoord. Alsof het zo moest zijn werd deze mij via via overhandigd. De inhoud was in eerste instantie niks meer dan het pijnlijke besef dat ik niet droomde. Dat alles zich afspeelde in de keiharde realiteit. Maar nadat ik meerdere malen heb zitten staren naar de inhoud werd het me langzaam dragelijker gemaakt.
Wie mijn eerdere blogjes heeft gelezen weet wat ik bedoel met “mijn schilderij”. Het is de telkens veranderende natuur. Een natuur die niet veranderd omdat de natuur dat nou eenmaal doet. Nee, mijn natuur wordt geschilderd door een kleine meid. Eén die me telkens de schoonheid laat zien door met haar penselen de mooiste kleuren in te tekenen. Van het felste groen van een jonggeboren blad tot het diepste zwart van een oplichtende sterrenhemel.
Uit de enveloppe kwam eerst een kort briefje: “Zoals beloofd” en werd gevolgd door een schilderij. Niet een spreekwoordelijke maar gewoon één voor aan de muur. En waar ik dit nooit zo heb beleefd bracht dit schilderij mij dezelfde rust. De rust om na te denken. Om te beginnen met relativeren. Om deze harde realiteit ooit een plek te kunnen geven.
Het schilderij kwam zonder beschrijving. Geen A4-tje waarop de kunstenaar zet wat ze ermee heeft bedoeld of wat haar inspiratie was. En in de uren dat ik naar het schilderij heb kunnen staren ging mijn eigen fantasie weer met me op de loop. De kleuren hebben hun weg gevonden in de vormen. De vormen beschrijven een simpel tafereel. Een blauwe lucht, een witte wolk. Een felle zon. Een regenboog en een vlinder. Ineens zie ik hoe achter de wolken de zon weer schijnt. Hoe ik de regenboog kan bewandelen naar mijn dromen. En hoe een vlinder haar weg heeft gevonden in de blauwe lucht.
Het schilderij kwam zonder een naam.
Maar vanaf vandaag zijn zowel de maakster als het schilderij mijn “REGENBOOGVLINDER”
En de Fleurige kleuren geven weer wat warmte in mijn hart. En wanneer ik nu naar buiten kijk besef ik dat de natuur me nooit tegen wilde spreken. Ik wilde het alleen niet zien.
Al een week weet ik mijn draai niet te vinden. Ben ik niet mezelf. En vandaag kwam de genadeslag. Het zwaard wat al een tijdje boven ze hing is gevallen. Het oordeel is geveild. En wie verliest van het zwaard voelt zich verslagen. Zo was het in de middeleeuwen al, en zo is het nu ook.
Normaal gesproken weet ik mijn gevoelens wel uit te drukken. Niet direct maar op mijn eigen manier. De natuur is mijn steun. Elk blaadje, elke sneeuwvlok en elke zonnestraal geven mij de kracht en de mogelijkheid om elke tegenslag te relativeren.
Maar deze week was anders. Alles in de natuur sprak mijn gevoelens tegen. Waar in de natuur alles weer begint te leven viel in de realiteit langzaam alles uit elkaar. Al deed ze nog zo haar best, ik kon de schoonheid domweg niet zien.
De dagen werden langer en mijn gevoel steeds donkerder. En vandaag schoof het laatste stukje grond onder mijn voeten vandaan. Totale leegte werd mijn deel.
Een grote witte enveloppe bleek uiteindelijk het antwoord. Alsof het zo moest zijn werd deze mij via via overhandigd. De inhoud was in eerste instantie niks meer dan het pijnlijke besef dat ik niet droomde. Dat alles zich afspeelde in de keiharde realiteit. Maar nadat ik meerdere malen heb zitten staren naar de inhoud werd het me langzaam dragelijker gemaakt.
Wie mijn eerdere blogjes heeft gelezen weet wat ik bedoel met “mijn schilderij”. Het is de telkens veranderende natuur. Een natuur die niet veranderd omdat de natuur dat nou eenmaal doet. Nee, mijn natuur wordt geschilderd door een kleine meid. Eén die me telkens de schoonheid laat zien door met haar penselen de mooiste kleuren in te tekenen. Van het felste groen van een jonggeboren blad tot het diepste zwart van een oplichtende sterrenhemel.
Uit de enveloppe kwam eerst een kort briefje: “Zoals beloofd” en werd gevolgd door een schilderij. Niet een spreekwoordelijke maar gewoon één voor aan de muur. En waar ik dit nooit zo heb beleefd bracht dit schilderij mij dezelfde rust. De rust om na te denken. Om te beginnen met relativeren. Om deze harde realiteit ooit een plek te kunnen geven.
Het schilderij kwam zonder beschrijving. Geen A4-tje waarop de kunstenaar zet wat ze ermee heeft bedoeld of wat haar inspiratie was. En in de uren dat ik naar het schilderij heb kunnen staren ging mijn eigen fantasie weer met me op de loop. De kleuren hebben hun weg gevonden in de vormen. De vormen beschrijven een simpel tafereel. Een blauwe lucht, een witte wolk. Een felle zon. Een regenboog en een vlinder. Ineens zie ik hoe achter de wolken de zon weer schijnt. Hoe ik de regenboog kan bewandelen naar mijn dromen. En hoe een vlinder haar weg heeft gevonden in de blauwe lucht.
Het schilderij kwam zonder een naam.
Maar vanaf vandaag zijn zowel de maakster als het schilderij mijn “REGENBOOGVLINDER”
En de Fleurige kleuren geven weer wat warmte in mijn hart. En wanneer ik nu naar buiten kijk besef ik dat de natuur me nooit tegen wilde spreken. Ik wilde het alleen niet zien.
04-04-2011
De tijd gaat door
Wanneer de nacht is gevallen en de wereld lijkt te slapen kruip ik in mijn oude vertrouwde en versleten stoel. Met de ene kat op schoot en de andere naast me in haar hangende mandje is de rust compleet. Mijn lief is al vertrokken naar droomland en ik, ik laat mijn gedachten weer eens de vrije loop.
Woorden en beelden spelen door mijn hoofd en langzaam vormen de beelden de mooiste plaatjes en de woorden zoeken hun plaats in de zin van dit alles.
Ik bedenk me hoe de nacht is begonnen om morgen weer plaats te maken voor een nieuwe dag. Het zwart zal weer verdwijnen als de zon weer opkomt aan de horizon. En al wordt het weer licht, niemand kan je garanderen dat de hemel blauw zal zijn en de zon non-stop zal schijnen. Regen, wind en koude kunnen de lichte dag vergrauwen. Maar toch is het nog steeds licht. En zo gaat de tijd steeds door.
Zo maakt ook nu de lente weer haar opwachting. Nadat de bomen hun bladeren hebben losgelaten en de sneeuw de wereld heeft bedekt onder een smetteloze witte deken komen de eerste knoppen weer aan de bomen. Snijdende gure wind en ijzige vrieskou maken hun plaats weer voor zonnige warme dagen. Waar ik het hele jaar door kan genieten van elk detail welke de natuur me laat zien weet ik ook dat menig mens weer verlangt naar de komende zomer. En is de lente voor hun het eerste teken om weer te ontwaken uit hun somberheid. En zo gaat de tijd steeds door.
Hoe zeer ik kan genieten van een flinke storm in de herfst, en van besneeuwde koude dagen in de winter, ook ik voel hoe de lente mij een ongekende kracht geeft. Hoe wonderlijk is het om te zien hoe de wereld langzaam opnieuw lijkt te gaan leven. Hoe het na een lange koude en gure tijd de kracht weer heeft gevonden en ontwaakt. En zelfs al regent het in de lente en onweert het soms in de zomer, toch laat de natuur mij zien dat ze weer krachtiger en mooier is dan het voorgaande jaar. En zo gaat de tijd steeds door.
En eens te meer leert de natuur mij te relatieveren wat er om me heen gebeurt. Zie ik hoe iemand die alles tegen lijkt te hebben ook steeds weer de kracht vindt om verder te gaan. En na elke donkere, koude periode komt voor haar de lente. Vindt ze weer de kracht om zoveel mogelijk te doen. Ook al is de dag niet altijd even zonnig en de zomer niet altijd even warm. En zoals mijn “schilderij van de natuur” steeds weer wordt ingekleurd, zo pakt ook zij haar kwasten weer in de hand en gaat de tijd steeds door.
Het zijn die krachten die ik niet kan en ook niet wil begrijpen. Ze bestaan en dat is voor mij genoeg. Genoeg om van te leren en genoeg om van te leven.
Achterover geleund zit ik hier. In de rust die niet alleen om me heen is. Nee, soms geeft het besef van tijd en kracht een ongekende rust welke diep in mij is genesteld. Als ik dan eventjes mijn ogen sluit draait de wereld langzaam door. Maar toch lijkt de tijd nu even stil te staan.
Woorden en beelden spelen door mijn hoofd en langzaam vormen de beelden de mooiste plaatjes en de woorden zoeken hun plaats in de zin van dit alles.
Ik bedenk me hoe de nacht is begonnen om morgen weer plaats te maken voor een nieuwe dag. Het zwart zal weer verdwijnen als de zon weer opkomt aan de horizon. En al wordt het weer licht, niemand kan je garanderen dat de hemel blauw zal zijn en de zon non-stop zal schijnen. Regen, wind en koude kunnen de lichte dag vergrauwen. Maar toch is het nog steeds licht. En zo gaat de tijd steeds door.
Zo maakt ook nu de lente weer haar opwachting. Nadat de bomen hun bladeren hebben losgelaten en de sneeuw de wereld heeft bedekt onder een smetteloze witte deken komen de eerste knoppen weer aan de bomen. Snijdende gure wind en ijzige vrieskou maken hun plaats weer voor zonnige warme dagen. Waar ik het hele jaar door kan genieten van elk detail welke de natuur me laat zien weet ik ook dat menig mens weer verlangt naar de komende zomer. En is de lente voor hun het eerste teken om weer te ontwaken uit hun somberheid. En zo gaat de tijd steeds door.
Hoe zeer ik kan genieten van een flinke storm in de herfst, en van besneeuwde koude dagen in de winter, ook ik voel hoe de lente mij een ongekende kracht geeft. Hoe wonderlijk is het om te zien hoe de wereld langzaam opnieuw lijkt te gaan leven. Hoe het na een lange koude en gure tijd de kracht weer heeft gevonden en ontwaakt. En zelfs al regent het in de lente en onweert het soms in de zomer, toch laat de natuur mij zien dat ze weer krachtiger en mooier is dan het voorgaande jaar. En zo gaat de tijd steeds door.
En eens te meer leert de natuur mij te relatieveren wat er om me heen gebeurt. Zie ik hoe iemand die alles tegen lijkt te hebben ook steeds weer de kracht vindt om verder te gaan. En na elke donkere, koude periode komt voor haar de lente. Vindt ze weer de kracht om zoveel mogelijk te doen. Ook al is de dag niet altijd even zonnig en de zomer niet altijd even warm. En zoals mijn “schilderij van de natuur” steeds weer wordt ingekleurd, zo pakt ook zij haar kwasten weer in de hand en gaat de tijd steeds door.
Het zijn die krachten die ik niet kan en ook niet wil begrijpen. Ze bestaan en dat is voor mij genoeg. Genoeg om van te leren en genoeg om van te leven.
Achterover geleund zit ik hier. In de rust die niet alleen om me heen is. Nee, soms geeft het besef van tijd en kracht een ongekende rust welke diep in mij is genesteld. Als ik dan eventjes mijn ogen sluit draait de wereld langzaam door. Maar toch lijkt de tijd nu even stil te staan.
21-12-2010
Tijd voor het Kerstblogje
Voor het derde jaar op rij zit ik hier weer. De afgelopen 2 jaar heb ik een op mijn hyves een kerstblog geplaatst en alsof het voor mij bij de traditie gaat horen, hier is hij dan weer:
EN TOEN KWAM DE KERST deel III
En ja, daar zit ik dan weer. Op die oude versleten stoel in de hoek van de kamer. Voeten omhoog, laptop op schoot. De kamer wordt rond deze tijd weer verlicht door de diverse kerstlampjes. Een kleine kerstboom siert het midden van de kamer. En omdat het boompje klein is zijn ook de slingers en de ballen van een wat kleiner formaat. Op één bal na dan, want wat is een kerstboom in dit huis zonder mijn “Knabbel en Babbel kerstbal”?
En naast al deze versiering staat het belangrijkste dit jaar opgesteld in de nieuwe kast. De kerststal!
Niet een supermoderne stal. Geen onbeschadigde beeldjes. Nee, bij mij staat een stuk gevoel in de kast. Een stal die al jaren in de familie zit. Een stal die menigeen allang vervangen zou hebben. Maar ik niet. Ik zet hem elk jaar weer neer. Elk beeldje zorgvuldig geplaatst op zijn eigen plek. En met elk beeldje zet ik een stukje kerstgevoel neer. Een stukje besef. Een stukje waarde.
En dan staan ze allemaal, op één na. Het laatste beeldje zet ik eigenlijk nooit zelf neer. Ook dit is een traditie die door de jaren is ontstaan. Want het kindje Jezus laat ik altijd neerzetten door iemand die me lief is. En daarom mocht mijn lief ook dit jaar weer het laatste en het mooiste stukje gevoel neerzetten in de stal.
De kamer is er klaar voor, en ook ik kom langzaam in de stemming. Al weet ik dat de komende dagen me nog niet de rust zullen bieden die ik graag zal hebben. Werken in een supermarkt op de dagen voor kerst zullen alles behalve rustig zijn. Nog 4 dagen omgeven door gestreste mensen die alles perfect willen regelen voor de kerstdiners. Mensen die niet tegen de drukte kunnen en toch aansluiten in de lange rijen bij de kassa. Klagende over van alles en nog wat. Mensen, waar hebben we het over. Kerstverlichting, een duur stukje vlees liggende op je mooiste servies en proberen niet te morsen op dat dure tafelkleed. BIJZAKEN.
Uiteindelijk moet kerst toch gaan om delen? Het delen van de liefde, delen van gezelschap, van vreugde en verdriet. Delen van eten, of dat nou een ossenhaastournedos is of een simpele gehaktbal.
Misschien denk ik wel teveel na over sommige dingen om simpel met vrienden en familie aan een tafel te gaan zitten omdat het gewoon kerst is. Denk ik in de dagen voor en tijdens de kerst aan de mensen die niet het geluk hebben wat ik heb.
Want hoe viert iemand de kerst die in het afgelopen jaar de meest dierbare in haar leven is verloren? Onverwacht alleen, en dan komt de kerst. Natuurlijk zal ze de kerst wel doorkomen, alleen of opgevangen door de mensen die al het hele jaar voor haar klaarstaan. Maar toch, in je hart weet en voel je dat dit niet de kerst is die ze zichzelf had toegewenst.
Het houdt me bezig en ik weet dat ik ergens voor of tijdens de kerst stilletjes een traan zal laten. Ondanks dat ik mijn geloof vooral in mijn hoofd en op mijn eigen manier beleef zit ik, traditiegetrouw, op kerstavond weer in de kerk. In een moment van stilte sluit ik dan mijn ogen en gaan mijn gebeden naar hen uit die het afgelopen jaar hebben verloren. Naar hen waarvan ik weet dat ze nog een zware tijd voor de boeg hebben. En deze gebeden, dit besef op kerstavond geeft voor mij het enige kerstgevoel waarvan ik weet dat het puur en onvervalst is. Dan kan de kerst voor mij echt beginnen.
Vandaag heb ik nog even de rust gezocht. Glijdende over besneeuwde wegen ben ik samen met een vriendin en Monica naar het bos gegaan. Mijn bos op zoek naar mijn plekje. Gehuld onder een witte deken met een mysterieuze mist tussen de bomen heb ik weer genoten van hoe mooi de wereld is. Ineens versnel ik mijn pas, loop even weg bij de twee dames die mij vergezellen. Even snel om een paar tellen alleen te kunnen staan op mijn plekje. Eenmaal daar kijk ik naar de boom die al enige tijd een belangrijk verhaal met zich meedraagt. En zelfs nu haar takken alle kracht nodig hebben om de sneeuw te kunnen dragen blijft ze van een ongekende schoonheid. Langzaam voel ik hoe een enkele traan over mijn wang stroomt en ik weet weer dat dit echt mijn paradijs is. Hier komen alle verhalen op zijn plaats, hier maak ik mijn keuzes en denk ik na, hier vind ik mijn rust. Hier hangt iets magisch wat me telkens weer weet te ontroeren.
Opgeladen en klaar voor de komende drukke dagen tik ik nu dit blogje. Wens ik iedereen alvast de mooiste kerst die ze zich kunnen wensen. En vraag ik aan iedereen om even na te denken. Wanneer je in de winkel staat in de drukte, blijf dan lachen. Erger je niet aan de kleine dingen in deze tijd, maar denk eens aan hen die echt wat verloren hebben, die rede hebben tot klagen. Luister naar ze en verlicht hun pijn. Want dat is waar het deze dagen om zou moeten gaan. Mijn kerstwens is dan ook dat niemand dit vergeet. Een wens die helaas nooit helemaal werkelijkheid zal worden. Maar ik begin bij mezelf………
EN TOEN KWAM DE KERST deel III
En ja, daar zit ik dan weer. Op die oude versleten stoel in de hoek van de kamer. Voeten omhoog, laptop op schoot. De kamer wordt rond deze tijd weer verlicht door de diverse kerstlampjes. Een kleine kerstboom siert het midden van de kamer. En omdat het boompje klein is zijn ook de slingers en de ballen van een wat kleiner formaat. Op één bal na dan, want wat is een kerstboom in dit huis zonder mijn “Knabbel en Babbel kerstbal”?
En naast al deze versiering staat het belangrijkste dit jaar opgesteld in de nieuwe kast. De kerststal!
Niet een supermoderne stal. Geen onbeschadigde beeldjes. Nee, bij mij staat een stuk gevoel in de kast. Een stal die al jaren in de familie zit. Een stal die menigeen allang vervangen zou hebben. Maar ik niet. Ik zet hem elk jaar weer neer. Elk beeldje zorgvuldig geplaatst op zijn eigen plek. En met elk beeldje zet ik een stukje kerstgevoel neer. Een stukje besef. Een stukje waarde.
En dan staan ze allemaal, op één na. Het laatste beeldje zet ik eigenlijk nooit zelf neer. Ook dit is een traditie die door de jaren is ontstaan. Want het kindje Jezus laat ik altijd neerzetten door iemand die me lief is. En daarom mocht mijn lief ook dit jaar weer het laatste en het mooiste stukje gevoel neerzetten in de stal.
De kamer is er klaar voor, en ook ik kom langzaam in de stemming. Al weet ik dat de komende dagen me nog niet de rust zullen bieden die ik graag zal hebben. Werken in een supermarkt op de dagen voor kerst zullen alles behalve rustig zijn. Nog 4 dagen omgeven door gestreste mensen die alles perfect willen regelen voor de kerstdiners. Mensen die niet tegen de drukte kunnen en toch aansluiten in de lange rijen bij de kassa. Klagende over van alles en nog wat. Mensen, waar hebben we het over. Kerstverlichting, een duur stukje vlees liggende op je mooiste servies en proberen niet te morsen op dat dure tafelkleed. BIJZAKEN.
Uiteindelijk moet kerst toch gaan om delen? Het delen van de liefde, delen van gezelschap, van vreugde en verdriet. Delen van eten, of dat nou een ossenhaastournedos is of een simpele gehaktbal.
Misschien denk ik wel teveel na over sommige dingen om simpel met vrienden en familie aan een tafel te gaan zitten omdat het gewoon kerst is. Denk ik in de dagen voor en tijdens de kerst aan de mensen die niet het geluk hebben wat ik heb.
Want hoe viert iemand de kerst die in het afgelopen jaar de meest dierbare in haar leven is verloren? Onverwacht alleen, en dan komt de kerst. Natuurlijk zal ze de kerst wel doorkomen, alleen of opgevangen door de mensen die al het hele jaar voor haar klaarstaan. Maar toch, in je hart weet en voel je dat dit niet de kerst is die ze zichzelf had toegewenst.
Het houdt me bezig en ik weet dat ik ergens voor of tijdens de kerst stilletjes een traan zal laten. Ondanks dat ik mijn geloof vooral in mijn hoofd en op mijn eigen manier beleef zit ik, traditiegetrouw, op kerstavond weer in de kerk. In een moment van stilte sluit ik dan mijn ogen en gaan mijn gebeden naar hen uit die het afgelopen jaar hebben verloren. Naar hen waarvan ik weet dat ze nog een zware tijd voor de boeg hebben. En deze gebeden, dit besef op kerstavond geeft voor mij het enige kerstgevoel waarvan ik weet dat het puur en onvervalst is. Dan kan de kerst voor mij echt beginnen.
Vandaag heb ik nog even de rust gezocht. Glijdende over besneeuwde wegen ben ik samen met een vriendin en Monica naar het bos gegaan. Mijn bos op zoek naar mijn plekje. Gehuld onder een witte deken met een mysterieuze mist tussen de bomen heb ik weer genoten van hoe mooi de wereld is. Ineens versnel ik mijn pas, loop even weg bij de twee dames die mij vergezellen. Even snel om een paar tellen alleen te kunnen staan op mijn plekje. Eenmaal daar kijk ik naar de boom die al enige tijd een belangrijk verhaal met zich meedraagt. En zelfs nu haar takken alle kracht nodig hebben om de sneeuw te kunnen dragen blijft ze van een ongekende schoonheid. Langzaam voel ik hoe een enkele traan over mijn wang stroomt en ik weet weer dat dit echt mijn paradijs is. Hier komen alle verhalen op zijn plaats, hier maak ik mijn keuzes en denk ik na, hier vind ik mijn rust. Hier hangt iets magisch wat me telkens weer weet te ontroeren.
Opgeladen en klaar voor de komende drukke dagen tik ik nu dit blogje. Wens ik iedereen alvast de mooiste kerst die ze zich kunnen wensen. En vraag ik aan iedereen om even na te denken. Wanneer je in de winkel staat in de drukte, blijf dan lachen. Erger je niet aan de kleine dingen in deze tijd, maar denk eens aan hen die echt wat verloren hebben, die rede hebben tot klagen. Luister naar ze en verlicht hun pijn. Want dat is waar het deze dagen om zou moeten gaan. Mijn kerstwens is dan ook dat niemand dit vergeet. Een wens die helaas nooit helemaal werkelijkheid zal worden. Maar ik begin bij mezelf………
03-12-2010
Dromen, durven, delen
Langzaam zet ik mijn ene voet voor de andere en komt mijn bestemming dichterbij. Voor me loopt een kronkelend pad tussen bomen en bosjes door. Een lichte sneeuwval heeft alles bedekt met een zachte witte deken. Een rode gloed geeft het hele tafereel een mooie mysterieuze sfeer. En met de ondergaande zon in mijn rug loop ik door. Ik geniet, ik denk, ik neurie en ik loop.
Stukje bij beetje klimt het pad omhoog en terwijl ik meeklim met het pad hoor ik geritsel in de bosjes naast mij. Even stop ik en kijk aandachtig naar de plaats waar het geluid vandaan kwam. Nog net zie ik hoe een eekhoorntje tussen de takjes doorspringt en verdwijnt in een holte van een stevige boom. Hij heeft zijn plekje voor de nacht gevonden en ik besluit hetzelfde te doen.
Op een steenworp afstand bevindt zich mijn bestemming. Een blokhut die zich een kleine honderd meter onder de top van de berg bevindt. Eenmaal aangekomen ontsteek ik de haard en schenk me wat te drinken in. Met de warme beker thee in mijn handen kijk ik door het raam en zie hoe de zon nu echt verdwijnt achter de bergen aan de horizon.
Dan nestel ik mij op een heerlijke luie stoel vlak bij de haard. Ik sluit mijn ogen voor een ogenblik en luister. De warme vlammen in de haard laten het hout knetteren. En verder is het stil. Een golf van rust valt over me heen en ik weet dat ik daar ben waar ik mij het beste voel.
Uiteindelijk stap ik op uit de stoel en loop weer naar het raam. Hoe laat het is weet ik niet. Elk besef van tijd is verdwenen. Even niet leven op de klok. Geen haast, geen moeten en geen sleur. Ik staar naar de miljoenen sterren die zich aan de hemel bevinden. Elk heeft zijn eigen plaats in de eindeloze leegte en hebben ze zich georganiseerd in de ogenschijnlijke chaos. Het is een koude nacht.
Ik pak een deken en besluit om te gaan slapen. Om de nacht goed door te komen leg ik nog een extra groot stuk hout in de haard zodat deze nog een paar uurtjes warmte zal geven.
Wanneer ik ontwaak is de ochtend al weer in volle gang. De zon staat alweer hoog in de lucht op de plek waar eerst de sterren stonden. De wolken hangen tussen de bergen in het dal. Ik pak een kop koffie en maak een ontbijtje klaar. De haard smeult nog een beetje na en geeft zijn laatste beetje warmte.
Nadat ik mijn spullen weer heb gepakt bedenk ik me nog even hoe gelukkig ik ben. Met de wolken in het dal en de rust en stilte om me heen waan ik me veilig. Voor mijn gevoel kan de hemel niet dichterbij me zijn dan hier.
Ik stap naar buiten en trek de deur achter me dicht. Ik volg het kronkelende pad door de bossen weer naar beneden. Waar het pad heen gaat en waar ik de volgende avond terecht kom weet ik nog niet. Want op het moment dat het pad de wolken in gaat en ik niet meer kan zien of de volgende bocht naar links of rechts gaat. Op dat moment ontwaak ik uit mijn droom en gaat de dag beginnen.
Wat kan ik nog zeggen na een dergelijk verhaal? Ik ben nou eenmaal een dromer. Elke nacht een nieuwe reis. Een andere bestemming maar altijd met hetzelfde doel. Het vinden van de rust en de vrede. Op een plek waar je weet dat alles goed is.
En nee, ik leef niet in mijn dromen. Ook ik leef, net als iedereen in een wereld die hard is. Waar geweld het nieuws beheerst. Waar tijd een essentieel onderdeel is van je dag. Plannen hoe laat en hoe lang. Hoe snel en het moet af. Een wereld waar je zo gezond mogelijk moet leven omdat er anders allerlei ziektes op je loeren. Ziektes die uiteindelijk met een onterechte willekeur om zich heen slaan. En zo hard dat je alle kracht nodig zal hebben om terug te slaan.
Ik ben me bewust van de wereld waar ik op leef en zal hem nooit ontkennen. Maar ’s avonds, wanneer ik op het randje van mij dromen balanceer verheug ik me er weer op om de wereld te ontvluchten en een pad te bewandelen naar mijn onbezorgde wereldje.
Enige tijd geleden werd bekend dat het nieuwe album van Marco Borsato er aankwam. De titel: DROMEN, DURVEN, DELEN. Een titel die me al aansprak nog voor ik ook maar één nummer had gehoord. Het stukje dromen heb ik al gehad. Dan is er het stukje durven. Iets wat ik wel eens meer mag doen. Durven nee te zeggen. Durven om even voor mezelf te kiezen. Niet uit egoïsme maar om me op te laden. Durven om me op zijn tijd los te rukken uit de dagelijkse sleur waar ik, zoals menigeen wel weet, zo’n hekel aan heb. Ja, durven doe ik wel. Maar het mag wel eens wat vaker.
En tot slot het stukje delen. Iets waarvan ik niet weet of ik het genoeg doe. Het delen van liefde, geluk en verdriet. Het wordt altijd makkelijk gezegd en ook het belang ervan is meer dan eens beschreven. Of ik genoeg deel is niet aan mij om te zeggen. Ik kan alleen mijn best maar doen en het is aan een ander om te voelen of dat genoeg is. En bij iedereen zal de conclusie anders zijn.
Wat ik wel kan delen zijn mijn dromen. In woord staat er hierboven één beschreven. Maar als je wilt, wacht dan op het randje van je dromen. In mijn droom pik ik je wel op en neem ik je mee. Mee om mee te genieten van de plekjes waar ik mijn rust kan vinden. En wie weet deel jij je droom met mij en neem je me mee in jouw droom.
Stukje bij beetje klimt het pad omhoog en terwijl ik meeklim met het pad hoor ik geritsel in de bosjes naast mij. Even stop ik en kijk aandachtig naar de plaats waar het geluid vandaan kwam. Nog net zie ik hoe een eekhoorntje tussen de takjes doorspringt en verdwijnt in een holte van een stevige boom. Hij heeft zijn plekje voor de nacht gevonden en ik besluit hetzelfde te doen.
Op een steenworp afstand bevindt zich mijn bestemming. Een blokhut die zich een kleine honderd meter onder de top van de berg bevindt. Eenmaal aangekomen ontsteek ik de haard en schenk me wat te drinken in. Met de warme beker thee in mijn handen kijk ik door het raam en zie hoe de zon nu echt verdwijnt achter de bergen aan de horizon.
Dan nestel ik mij op een heerlijke luie stoel vlak bij de haard. Ik sluit mijn ogen voor een ogenblik en luister. De warme vlammen in de haard laten het hout knetteren. En verder is het stil. Een golf van rust valt over me heen en ik weet dat ik daar ben waar ik mij het beste voel.
Uiteindelijk stap ik op uit de stoel en loop weer naar het raam. Hoe laat het is weet ik niet. Elk besef van tijd is verdwenen. Even niet leven op de klok. Geen haast, geen moeten en geen sleur. Ik staar naar de miljoenen sterren die zich aan de hemel bevinden. Elk heeft zijn eigen plaats in de eindeloze leegte en hebben ze zich georganiseerd in de ogenschijnlijke chaos. Het is een koude nacht.
Ik pak een deken en besluit om te gaan slapen. Om de nacht goed door te komen leg ik nog een extra groot stuk hout in de haard zodat deze nog een paar uurtjes warmte zal geven.
Wanneer ik ontwaak is de ochtend al weer in volle gang. De zon staat alweer hoog in de lucht op de plek waar eerst de sterren stonden. De wolken hangen tussen de bergen in het dal. Ik pak een kop koffie en maak een ontbijtje klaar. De haard smeult nog een beetje na en geeft zijn laatste beetje warmte.
Nadat ik mijn spullen weer heb gepakt bedenk ik me nog even hoe gelukkig ik ben. Met de wolken in het dal en de rust en stilte om me heen waan ik me veilig. Voor mijn gevoel kan de hemel niet dichterbij me zijn dan hier.
Ik stap naar buiten en trek de deur achter me dicht. Ik volg het kronkelende pad door de bossen weer naar beneden. Waar het pad heen gaat en waar ik de volgende avond terecht kom weet ik nog niet. Want op het moment dat het pad de wolken in gaat en ik niet meer kan zien of de volgende bocht naar links of rechts gaat. Op dat moment ontwaak ik uit mijn droom en gaat de dag beginnen.
Wat kan ik nog zeggen na een dergelijk verhaal? Ik ben nou eenmaal een dromer. Elke nacht een nieuwe reis. Een andere bestemming maar altijd met hetzelfde doel. Het vinden van de rust en de vrede. Op een plek waar je weet dat alles goed is.
En nee, ik leef niet in mijn dromen. Ook ik leef, net als iedereen in een wereld die hard is. Waar geweld het nieuws beheerst. Waar tijd een essentieel onderdeel is van je dag. Plannen hoe laat en hoe lang. Hoe snel en het moet af. Een wereld waar je zo gezond mogelijk moet leven omdat er anders allerlei ziektes op je loeren. Ziektes die uiteindelijk met een onterechte willekeur om zich heen slaan. En zo hard dat je alle kracht nodig zal hebben om terug te slaan.
Ik ben me bewust van de wereld waar ik op leef en zal hem nooit ontkennen. Maar ’s avonds, wanneer ik op het randje van mij dromen balanceer verheug ik me er weer op om de wereld te ontvluchten en een pad te bewandelen naar mijn onbezorgde wereldje.
Enige tijd geleden werd bekend dat het nieuwe album van Marco Borsato er aankwam. De titel: DROMEN, DURVEN, DELEN. Een titel die me al aansprak nog voor ik ook maar één nummer had gehoord. Het stukje dromen heb ik al gehad. Dan is er het stukje durven. Iets wat ik wel eens meer mag doen. Durven nee te zeggen. Durven om even voor mezelf te kiezen. Niet uit egoïsme maar om me op te laden. Durven om me op zijn tijd los te rukken uit de dagelijkse sleur waar ik, zoals menigeen wel weet, zo’n hekel aan heb. Ja, durven doe ik wel. Maar het mag wel eens wat vaker.
En tot slot het stukje delen. Iets waarvan ik niet weet of ik het genoeg doe. Het delen van liefde, geluk en verdriet. Het wordt altijd makkelijk gezegd en ook het belang ervan is meer dan eens beschreven. Of ik genoeg deel is niet aan mij om te zeggen. Ik kan alleen mijn best maar doen en het is aan een ander om te voelen of dat genoeg is. En bij iedereen zal de conclusie anders zijn.
Wat ik wel kan delen zijn mijn dromen. In woord staat er hierboven één beschreven. Maar als je wilt, wacht dan op het randje van je dromen. In mijn droom pik ik je wel op en neem ik je mee. Mee om mee te genieten van de plekjes waar ik mijn rust kan vinden. En wie weet deel jij je droom met mij en neem je me mee in jouw droom.
30-10-2010
Slechts een gedachte.
Zie mij nou zitten. Middernacht. In die ene stoel die net echt meer past bij de rest van het meubilair. Maar het is mijn stoel. Een deken verbergt de slijtage in de zitting. Mijn voeten geparkeerd op het bijhorende voetbankje. Laptop op schoot en verzonken in gedachten.
Het is stil in en om het huis. Alles slaapt en alles lijkt zo vredig. Al ben ik graag onder de mensen en praat ik graag. Vind ik het heerlijk om samen met mijn lief op de bank te zitten. Toch is dit voor mij een heerlijk moment. Alle druk verdwenen en alle gekte is in rust. Tussen de lamellen door staar ik naar een eenzame ster in de lucht en ik laat mijn gedachten spelen.
Gedachten. Iedereen die heeft gedachten. En elke gedachten is een mysterie. Gedachten zijn voor jezelf. En alleen jij bepaald wat je van die gedachten vrij wilt geven aan een ander.
Lopend over straat kijk ik naar de mensen. Gezichten om me heen vertellen elk een ander verhaal. Een kind rent lachend tussen de mensen door. Een man staart in de leegte die er niet is en een dame glimlacht als de wind haar wangen aait. Ik probeer te raden wat ze denken. Waarom lacht het kind en waarom zit de man te staren? En hoe ontstaat een glimlach bij een vrouw die alleen over straat heen loopt? Hoe zeer ik ook mijn best doe, nooit zal ik het antwoord weten. Als je de kans zou krijgen kon je deze mensen eens goed in de ogen kijken. En zelfs dan geven ze slechts een tipje van de sluier.
Met een glimlach op mijn gezicht loop ik verder en vraag me af of er iemand op straat loopt die zich afvraagt wat ik op dat moment denk.
En zo verzink ik nog even in mijn gedachten. Zittend in mijn heerlijk foute stoel genietende van de stilte om me heen. Alleen met mijn gedachten.
Soms veroordelen we mensen op één uitspraak of een verwijtende blik. Doen we ze af als arrogant of chagrijnig. Maar mogen we dat wel doen als we de verhalen van deze mensen niet kennen? Als we slechts kunnen raden naar hun gedachten? Als we niet weten waar we over praten. Waarom maakt de onwetendheid het leven soms zo ingewikkeld?
Of dit blog de waarheid verteld? We kunnen er alleen maar naar raden, want dit hele blog berust slechts op een gedachten.
Het is stil in en om het huis. Alles slaapt en alles lijkt zo vredig. Al ben ik graag onder de mensen en praat ik graag. Vind ik het heerlijk om samen met mijn lief op de bank te zitten. Toch is dit voor mij een heerlijk moment. Alle druk verdwenen en alle gekte is in rust. Tussen de lamellen door staar ik naar een eenzame ster in de lucht en ik laat mijn gedachten spelen.
Gedachten. Iedereen die heeft gedachten. En elke gedachten is een mysterie. Gedachten zijn voor jezelf. En alleen jij bepaald wat je van die gedachten vrij wilt geven aan een ander.
Lopend over straat kijk ik naar de mensen. Gezichten om me heen vertellen elk een ander verhaal. Een kind rent lachend tussen de mensen door. Een man staart in de leegte die er niet is en een dame glimlacht als de wind haar wangen aait. Ik probeer te raden wat ze denken. Waarom lacht het kind en waarom zit de man te staren? En hoe ontstaat een glimlach bij een vrouw die alleen over straat heen loopt? Hoe zeer ik ook mijn best doe, nooit zal ik het antwoord weten. Als je de kans zou krijgen kon je deze mensen eens goed in de ogen kijken. En zelfs dan geven ze slechts een tipje van de sluier.
Met een glimlach op mijn gezicht loop ik verder en vraag me af of er iemand op straat loopt die zich afvraagt wat ik op dat moment denk.
En zo verzink ik nog even in mijn gedachten. Zittend in mijn heerlijk foute stoel genietende van de stilte om me heen. Alleen met mijn gedachten.
Soms veroordelen we mensen op één uitspraak of een verwijtende blik. Doen we ze af als arrogant of chagrijnig. Maar mogen we dat wel doen als we de verhalen van deze mensen niet kennen? Als we slechts kunnen raden naar hun gedachten? Als we niet weten waar we over praten. Waarom maakt de onwetendheid het leven soms zo ingewikkeld?
Of dit blog de waarheid verteld? We kunnen er alleen maar naar raden, want dit hele blog berust slechts op een gedachten.
Abonneren op:
Posts (Atom)
